Op zijn eh haar eigen tempo

Het WK voetbal is in volle gang en Nederland doet niet mee. Dat is natuurlijk een open deur maar ik denk wel dat het een van de redenen is dat de discussie over vrouwelijke voetbalcommentatoren en analytici nu volop in de media is. Als vrouwelijke commentator wordt mijn mening vaak gevraagd.

We kunnen ons druk maken om het feit dat een vrouwelijke commentator een zeldzaamheid is in Nederland in 2018 maar we kunnen ook blij zijn dat de discussie momentum begint te krijgen. Ik ben echter van mening dat we deze beweging niet krampachtig moeten proberen te helpen. Hadden we vijf jaar geleden gedacht dat er miljoenen mensen naar vrouwenvoetbal zouden kijken? Nee. Het evolueert. Het evolueert langzaam maar het beweegt voorwaarts.

Ik begon in 2012 als wielercommentator bij Eurosport. Momenteel werken er bij ons drie lead commentatoren op tennis – Kristie Boogert, Sabine Appelmans en Mariëtte Pakker en hebben we verschillende vrouwelijke experts zoals Inge Dekker (zwemmen), Haya Leenards (kunstrijden), Nicolien Sauerbreij (ski/snowboard) en Iris Slappendel (wielrennen). Bij de NOS is Marcella Mesker al jaren de vaste tenniscommentator. Dit zijn overigens allemaal vrouwen die uit de sport zelf komen. Ik kom niet uit de sport. Ik was en ben een liefhebber van wielrennen en kreeg een kans om dit werk te gaan doen.

Toen Danny Nelissen me in mei 2011 belde voor een opdracht om artikelen te schrijven voor een website, hoorde hij iets in mij. Hij liet me een test doen als nieuwslezer bij Eurosport en gaf me een kans. Toen Danny in 2012 de zender verliet, kreeg ik weer een kans. Ik had geluk op de juiste plek op het juiste moment te zijn.

Ik ben geen activist of feminist. Als er voor een functie tien mannen beter zijn, moet de keuze vallen op een van de mannen. Dit geldt voor het bedrijfsleven, de politiek en de media. Ik zou als vrouw het verschrikkelijk vinden om daar als ‘token woman’ neergezet te zijn, als bewijs van progressief beleid van een bedrijf of gruwel een vrouwenquotum. Ik suggereer overigens niet dat ik beter ben dan die tien mannen. Er zijn in Nederland mannen en vrouwen die beter zijn dan ik maar niet op de juiste plek waren op het juiste moment. Naast kunde is geluk en netwerk een belangrijke factor.

De hele discussie is begonnen met een Duitse voetbalcommentator die veel kritiek kreeg. Bij mannen is kritiek vaak uitsluitend inhoudelijk van aard. Bij vrouwen wordt er vaker op de man eh vrouw zelf gespeeld. Bij vrouwen gaat het aantoonbaar vaker over het uiterlijk, de kleding en de stem dan bij mannen het geval is. Het is in Nederland een feit dat in veel functies vrouwen net even een stapje meer moeten doen voor erkenning en acceptatie dan mannen. Veel vrouwen steken hun vinger niet op als er iets gevraagd wordt: veel vrouwen kiezen voor de luwte, voor de ondersteuning en de achtergrond. Gegeneraliseerd: vrouwen geloven vaker dat ze iets niet kunnen terwijl mannen vaker zeggen: ja hoor dat kan ik wel.

Marijn de Vries – overigens in het verleden bij de NOS als analist tijdens de Tour actief – had ooit eens een mooie anekdote over de wielerclinics die ze geeft. Mannen zeggen bijna altijd meteen “ja dat kan ik” en een deel is halverwege de klim volledig ontploft en bijna alle vrouwen zeggen “nee maar dat kan ik niet hoor” en halen het allemaal tot de top op hun eigen tempo. (https://www.trouw.nl/home/waaierrijden-op-de-apenrots~ae6b6547/)

Ik heb ook bakken met kritiek gehad. Van “ga alsjeblieft Koffietijd presenteren” tot bedreigingen als “we zoeken die trut wel eens op bij Eurosport” tot opmerkingen over mijn uiterlijk, gewicht en natuurlijk stem. Natuurlijk werd er ook gesuggereerd dat ik horizontaal deze positie had verkregen.

Ik houd niet van Marco Borsato dus als mensen mijn stem vervelend vinden, is dat smaak en over smaak valt niet te twisten. Echter, opmerkingen als “ik kan niet naar een vrouw luisteren bij wielrennen” is cultuur en gewenning en geen smaak. Die cultuur verandert want de kritiek die ik nu nog krijg is maar een fractie van wat ik kreeg toen ik begon en de eerste vrouwelijke wielercommentator werd. Mensen zijn aan me gewend.

Kritiek is ook niet slecht mits het opbouwend is. Opbouwende kritiek mag je me altijd geven (mail me of bel me gewoon – ik bijt niet) want daar word ik beter van.

In het begin was ik echt niet goed. Ik ben de eerste die dat toegeeft. Ik gaf veel te veel informatie, had geen oog voor de persoon naast me en was vooral bezig met mezelf te profileren en te bewijzen uit onzekerheid. Ik ben zekerder geworden en door kritiek ben ik beter gaan doseren en is mijn commentaar er nu vooral op gericht het beste uit de ex-renner/renster naast me te halen en de uitzending gestructureerd naar de finish te leiden.

Er is geen opleiding tot commentator. Na de kans die Eurosport me gaf was het trial en error en vooral luisteren naar opbouwende kritiek. Kritiek was en is echter vaak zwart-wit: of ik was/ben geweldig of ik was/ben verschrikkelijk – kort gezegd prijzen of schelden. Natuurlijk is het eerste fijn om te horen en doet het tweede pijn (ik ben ook gewoon een mens) maar ik beide gevallen heb je er weinig aan als het gaat om leren en verbeteren. Mensen die je eerlijk, zonder bijbedoelingen en opbouwend willen helpen, zijn zeldzaam maar onmisbaar. Gelukkig heb ik er een paar in mijn leven en daar ben ik dankbaar voor. De schreeuwers negeer ik.

Er komen echt wel meer vrouwen in de sportjournalistiek: ook in het voetbal maar laten we het nu niet krampachtig forceren omdat het moet. Ik geloof dat Nederland nog niet klaar is voor een vrouwelijke voetbalcommentator. Helène Hendriks, Barbara Barend. Renate Verhoofstad, Diana Kuip zijn er al en worden als analist, journalist of presentator gewaardeerd. Achter de schermen werken veel capabele vrouwen. Ik geloof echter wel dat voetbalcommentator de laatste horde is en dat Nederland er eerlijk gezegd nog niet aan toe is. Dus laten we eerst eens beginnen met andere sporten en dan rustig met deze beweging meebewegen.

Voor mij is het mooiste compliment dat jonge meiden me als rolmodel zien, dat ze nu zien dat dit werk voor hen ook mogelijk is. Van deze generatie meiden komen er echt wel een paar die sportcommentator zullen worden maar alles op zijn eigen tijd en zijn eh haar eigen moment.

Ongelooflijk of ongeloofwaardig

Ik geef toe. Ik kan nog niet naar foto’s van Chris Froome in de roze trui kijken. Het doet de wielerfan in mij toch een klein beetje pijn maar was het ongelooflijk of ongeloofwaardig wat hij deed in die 19e etappe?

Er is al veel geschreven en gezegd over de kwestie. Veel wordt vanuit emotie geroepen, veel ook gebaseerd op het verleden, ver en dichtbij, maar ik wil er even zonder al teveel emotie naar kijken.

De vraag is of het ongeloofwaardig was wat Chris Froome deed. Ik geloof zoals bijvoorbeeld ook Hans Vandeweghe of The Secret Pro dat de prestatie legitiem was. Van de 159 renners die deze Giro uit hebben gereden, lukte het 16 renners om dat binnen een uur van Chris Froome, en daarmee ook Tom Dumoulin, te doen. Dat zegt niet zo zeer iets over Froome of Dumoulin – nou ja dat het ontzettend goede renners zijn, maar meer over het onmenselijk zware parcours van deze editie van de Giro.

Ik ben geen fan van de Italiaanse parcoursbouwers. Sinds het noodgedwongen vertrek van Michele Acquarone is het allemaal weer extremer dan extreem. Acht van de 19 etappes in lijn in de Giro van 2018 waren langer dan 195 kilometer. De Tour de France telt er dit jaar vier, de Vuelta drie, waarvan twee van net 195km.

De uitputting (letterlijk) van Thibaut Pinot en de monumentale inzinking van Simon Yates waren een direct gevolg van een veel te zware ronde. Sprinters kozen er massaal voor niet naar Italië te gaan. In de huidige tijd waarin we verwachten dat renners dit schoon doen, moet je niet acht marathons in drie weken willen plannen.

Over hoe Chris Froome zijn voorsprong bij elkaar sprokkelde in de 19e etappe is veel gezegd. De belangrijkste punten zoals ook The Secret Pro ze verwoordt: het was man tegen man. Dumoulin had alleen slepers mee (Lopez, Carapaz, Reichenbach). Froome wist precies wat hij ging doen en was voorbereid qua eten, aerodynamica etc. Eigenlijk was het enorm innovatief en spectaculair wat Team SKY, sportdirecteur Nicolas Portal en Chris Froome deden. En Froome is natuurlijk geen pannenkoek he.

Nee, het probleem, de schaduw over deze prestatie ligt wat mij betreft in december 2017 en begon met de oprichting van Team SKY en de claim dat alles zuiver moest: een claim die onder andere Steven de Jongh zijn baan kostte maar voor dr. Geert Leinders dan weer geen enkel probleem bleek te zijn.

Als je hoog van de toren blaast de meest transparante en schone ploeg te zijn, zullen mensen je willen pootje haken. Degene met de grootste bek zien mensen graag op hun bek gaan. Dave Brailsford, geridderd en al, zou het allemaal anders gaan doen. Hij zou het wielrennen gaan redden met nieuwe methodes, de marginal gains, en volledige transparantie. David Walsh, een gerespecteerde journalist en drakendoder van Lance Armstrong, ging embedded en schreef lovende woorden. Niets zou verborgen blijven.

Door de jaren heen bleken er toch veel dingen verborgen te zijn en Brailsford toch niet zo’n fan van die transparantie als die niet op zijn eigen voorwaarden plaatsvond. Matt Lawton, een Britse journalist die goed werk doet maar niet de meest gelukkige publicatie heeft gekozen – Daily Mail – om dat te doen, haalde veel boven water.

Veel speelt rondom Bradley Wiggins en zijn Tour de Francezege van 2012: cortisoneninjecties, Fluimicil dat vanuit Manchester naar de Dauphiné werd gevlogen en in Frankrijk gewoon vrij verkrijgbaar is in de ‘pharmacie’, testosteronpleisters die naar het hoofdkantoor van het toen nog innig verstrengelde British Cycling en Team SKY werden gestuurd, computers van teamartsen die gestolen bleken te zijn en wat zat er nou toch in de ‘jiffy bag’? In een parlementaire enquête moest er zelfs verantwoording worden afgelegd. Er gebeurde echter niets, de boel bleef schimmig en Sir Dave bleef.

Wiggins verdween op weg naar vele extra kilo’s en nog een Olympische gouden medaille uit de wegploeg en de kroonprins verscheen ten tonele. Sky bracht een revolutie in het wielrennen: bergop treintjes waarin elke schakel een vast aantal kilometers een bepaald wattage trapte om de kopman – Chris Froome – in de laatste 1,5km los te laten op een koffiemolenverzet. Renners die potentie hadden getoond top tien te rijden in een grote ronde (De la Cruz, Henao, Poels, Kwiatkowski, Thomas etc) werden aangetrokken en Sky had de middelen om de beste neoprofs aan te trekken. Saai was het vaak, maar ook enorm efficiënt. En Froome evolueerde zelf en dat siert hem: denk aan de waaieretappe of het aanvallen in de afdaling.

En toen kwam na vier Tour de France zeges en de Vuelta een positieve test. Nou ja, het is dus geen positieve test. Mijn vriendinnen en het grootste gedeelte van mijn familie interesseert wielrennen geen fluit maar hier stellen ze allemaal vragen over. Hij is toch positief. Nou nee. EPO, testosteron, CERA: dat maakt je allemaal instant positief. Er verschijnt een persbericht van de UCI en de ploeg in kwestie stuurt een persbericht de wereld in dat a. ze enorm geschokt zijn, b. de renner in kwestie alleen handelde en c. de ploeg mordicus tegen doping is. De renner wordt geschorst en de ploeg kan door. Deukje in de wielersport, de zoveelste, maar okay.

Echter, salbutamol mag tot op bepaalde hoogte omdat veel sporters kampen met (inspannings)astma. Die hoogte is duizend. Froome testte 2000. In december lekte iemand dit gegeven gecoördineerd aan zowel de Franse als Britse pers op hetzelfde moment. De geest was uit de fles. Was dit niet gelekt, was Sky nu ook met alle middelen bezig deze test te ontkrachten met één cruciaal verschil: we hadden het niet geweten.

Maar we weten het. We weten het nu al een half jaar. In dat halve jaar waren er verklaringen van onder andere defecte nieren en sloeg Sky schorsingsvoorstellen af. Froome en Sir Dave houden stug vol dat de renner in kwestie onschuldig is en dat de ploeg volledig achter hem staat. Punt b en c van het standaardstramien zijn daarmee gebroken.

Naar verluid heeft Team Sky inmiddels zo’n 6 à 7 miljoen in deze zaak gestoken. Daarmee kun je Roompot-Nederlandse Loterij twee jaar op de weg houden en zo’n 8 à 10 fatsoenlijke vrouwenploegen van serieus niveau oprichten. Je zou er ook de geweigerde bijdrage van de Provincie Groningen voor het WK2020 mee kunnen opvangen.

Het is een spel van lange adem geworden. De adem van Team Sky is lang. De bankrekening is goed gevuld.

Maar dan de vraag die iedereen in mijn omgeving me stelt: waarom is hij gestart in de Giro en zal hij mogen en waarschijnlijk ook gaan starten in de Tour? Gewoon, omdat Froome dat mag.

Bij een salbutamoltest is het aan de renner/ploeg om in een laboratoriumsetting te bewijzen dat zijn lichaam deze waarde op natuurlijke wijze heeft behaald. In januari reed Froome een grote ronde op training plus nog wat extra’s, gaf zijn opeens tot leven gekomen Strava aan. Mijn idee is dat ze daar een labtest op hebben willen baseren. Blijkbaar niet succesvol. Alles wordt uit de kast getrokken inclusief wetenschappelijk niet geheel onomstreden onderzoeken die beweren dat salbutamol en ja ook EPO niet prestatiebevorderend werken. Soort van ‘fake news’ creëren eigenlijk. There was no collusion with Russia.

De zaak sleept aan. De UCI en de WADA durven geen schorsing aan die niet 100% staat als een huis. Er is geen precedent voor een directe schorsing op basis van salbutamol. Sky zal meteen naar het CAS gaan om het aan te vechten.

Christian Prudhomme, de baas van de Tour, had het toch al niet zo op de methode Sky die nu al vijf jaar alle spanning uit het klassement in de Tour zuigt en zou niets liever willen dan Froome een startverbod willen opleggen. De regel staat zelfs in het reglement maar gezien de zaak Tom Boonen (en zijn recreatieve cocaïne) zal Sky dit met succes aanvechten.

Dus zal Chris Froome zijn titel gaan verdedigen in de Tour de France 2018. Misschien is Chris Froome volledig onschuldig. Dat kan. Hij had dat in stilte kunnen bewijzen als er in 2017 niet was gelekt. Maar we weten wat er in die laatste week van de Vuelta gebeurde. Dat weten plus de hele historie die Sir Dave en Team Sky in de afgelopen jaren hebben opgebouwd, stralen af op Chris Froome. Het volkstribunaal van ‘guilty by association’ of in het Nederlands: waar rook is zal toch zeker wel vuur zijn, is opgericht.

Zelf kan Froome beweren dat deze zaak zijn imago en ‘legacy’ als renner niet zal schaden maar dat is onzin: een utopie. De naam Froome is voor eeuwig beschadigd, schuldig of onschuldig, en de wielersport wordt nu al een half jaar door het slijk getrokken. Wie daar precies beter van wordt, mag zich bij mij melden.

Ciao 2016

Onze verontschuldigingen, dit bericht is alleen beschikbaar in Engels

18 augustus

10407287_762038377197863_1020121812843857826_n

Het is vandaag 18 augustus. Nou en, zul je denken maar voor mij is deze dag bijzonder. Op 18 augustus 2012 zat ik voor het eerst achter de microfoon bij Eurosport om een wielerwedstrijd te becommentariëren: de ploegentijdrit van de Vuelta. Movistar won.

We zijn nu drie jaar verder en als ik even een moment stil ga staan, mijn hoofd omdraai en op de weg die achter me ligt, kijk, word ik er een beetje stil van. Wat een enorme kans heeft Eurosport mij gegeven om dit werk nu te mogen doen. Wielercommentator zijn. Het was zo onmogelijk en ver van mijn bed om het zelfs maar een droom te kunnen noemen.

Nu ben ik bezig met mijn derde seizoen en het eerste volledige seizoen als hoofdcommentator bij Eurosport (samen met collega Jeroen). Het was niet altijd eenvoudig, er was (terechte) kritiek maar er waren ook heel, veel lieve woorden en complimenten . Ik heb veel moeten leren en gelukkig leer ik nog elke dag bij.

Ik heb vooral veel over koers geleerd van mijn lieve co-commentatoren Bobbie, Karsten, Dirk, Michel en Nick die me elk op hun manier weer hebben geholpen maar ook van alle ploegleiders, mechaniekers, de vrienden van Shimano, soigneurs en (oud)-renners die ik in de loop der jaren sprak en mocht leren kennen.

Er bestaat geen opleiding tot wielercommentator. Ik heb niet gekoerst en heb er ook totaal geen talent voor. Wielrennen is echter wel mijn passie en als ik ergens gepassioneerd over ben, wil ik leren. Heel veel leren.

Ik ben deze weg pas net ingeslagen en soms neem je al deze gebeurtenissen al voor lief. Dan wordt het ongewone gewoon. Dit is nu mijn werk. Ik mag vertellen over de schoonheid van de koers en over de renners die ik bewonder. Ik mag vertellen over de mooiste landen, de lekkerste lokale gerechten en de interessante verhalen uit de geschiedenis. Dat dit mij gelukt is, is wonderlijk en een zegen. Ik ben er intens dankbaar voor.

Als je steeds opnieuw durf te dromen, reikt je droom tot voorbij de nacht. Kun je meer dan je altijd dacht. 

Kan niet en onmogelijk

Een week geleden deed ik iets wat ik nooit voor mogelijk had gehouden. Ja ik ben sterk, en ja ik heb een goede conditie maar ja, ik weeg ook bijna 100kg.

Anderhalf geleden kreeg ik mijn eerste racefiets. Als wielercommentator vond ik het een grote meerwaarde om zelf te gaan fietsen. Ik leerde er veel van.

Al snel ontdekte ik dat zelfs de kleinste stijginspercentages een uitdaging waren. Nee, laat mij maar tegen de wind in fietsen en nee, 50-60km is echt de max. Ik dacht in: ‘kan niet’ en ‘onmogelijk’.

In de weken voor de vakantie in de Provence fietste ik met mijn vader twee tochten. Die 60 kilometer werden er 70, zonder pauze. De snelheid ging omhoog maar belangrijker nog, het vertrouwen groeide door de coaching van mijn vader: de man waar mijn liefde voor het wielrennen ooit begon als klein meisje.

In Frankrijk deden we zondag een eerste verkenning. De Mont Ventoux torende boven ons uit. Hij was overal te zien als een treiterend mannetje dat zegt: kom maar, probeer het maar. Nee, ‘kan niet’ en ‘onmogelijk’.

10421155_728026833932351_2612336113137822390_n

Maar de eerste klim, de Madeleine, ging soepel. Zonder te pauzeren haalde ik de top. Ik was zo blij. Geen hyperventilatie, geen sterretjes voor mijn ogen en geen angst voor het klimmen waar ik in Limburg zo’n last van had. Nee, ik klom rustig en genoot.

De tweede tocht vond ik het jammer dat de klim al voorbij was. Ik zat net lekker in de ‘zone’. De derde dag leerde ik dat ondanks ongelooflijk zware benen, je daar toch doorheen kunt fietsen. Weer een wijze les. En het was pas dinsdag.

1796633_728026330599068_2447587576597312058_n

Op donderdag reden mijn vader en ik een mooie tocht door de Gorges de la Nesque, een klim van meer dan 20 kilometer. Ik reed hem fluitend, ik, die de Camerig al het meest gruwelijke vond wat ik ooit kon denken. Ik zou het gaan doen: die zaterdag, de Ventoux.

Vrijdag een rustdag maar ik sliep slecht. Ondanks de aanmoedigingen en ondanks het geloof dat mijn man, mijn vader en iedereen in mij stelde, kwam het ‘ik kan dit nooit-spook’ me bezoeken die nacht.

Het werd zaterdag en het weer was prachtig. We reden naar Sault. Nog even een zenuwachtig plasje in het meest smerige openbare toilet dat je je kunt voorstellen en dan van start.

Al snel waren mijn metgezellen uit het zicht verdwenen. Dit was iets wat ik alleen moest doen. Ik en de pedalen, het ritme in mijn hoofd en het gevecht tegen mijn gedachte: ‘je bent toch veel te dik om ooit een berg op te fietsen’. ‘Kan niet’ en ‘onmogelijk’.

Het was een zwaar begin ondanks de bescheiden stijgingspercentages. Maar het deed pijn. Al vanaf mijn vroegste sportcarrière, ik was een fanatiek en niet onverdienstelijk zwemmer, was ik een diesel. Op de fiets kom ik pas na een uur op gang. Maar dat eerste uur is het wel vechten tegen het willen opgeven.

P1000914

Na 55 minuten stopte ik. Tijd voor een reepje. Het deed pijn en de percentages gingen omhoog. De Spotify-playlist hielp me en gaf me Sela met ‘Ik zal er zijn’. Ik voelde me gedragen door God en huilde. Ik wist dat Hij er voor me was. En ook altijd zou zijn.

Na 1 uur en 35 minuten bereikte ik Chalet Reynard. Tijd voor het zwaarste stuk, de laatste 6 kilometer in het niemandsland. Op de maan. Mijn vader wachtte me op en coachte me. “Dit is 8%, blijf trappen, blijf ademen. De eerste kilometer is al gedaan. We gaan naar 11%, kijk eens dat kun je ook. Alweer twee kilometer van de zes, nog maar vier te gaan.”

De eerste 3 kilometer gingen goed. Halverwege. Even op adem komen, stretchen en door. Een kort herstelmoment in een bocht en weer richting de 9%. Ik dacht dat ik een lekke band had, dat mijn achterrem aanliep. Het ging trager en trager en de kramp kroop omhoog vanuit mijn kuiten.

P1000955

Nog 1,5 kilometer. Even stoppen. Het eindpunt, het weerstation is in zicht. Op de fiets. Een duw van mijn vader waarna ik meteen weer stil val. We bereiken het monument van Tommy Simpson. Ik klim omhoog, kijk even naar de namen, de bidons. huil. De tranen komen zonder dat ik het wel. Ik kan niet meer. Ik wil niet meer op die fiets stappen. Ik wil het niet meer.

Mijn vader zegt: ‘kom op, daar is de streep. Nu kun je niet meer opgeven’. Maar ik zie alleen een ellenlange weg die omhoog loopt. Steeds maar weer omhoog loopt. Een kilometer waar geen eind aan komt. Een kilometer die meer dan 8% stijgt. Een kilometer die ik niet wil afleggen op het zadel. Ik wil weg hier. Ik haat die fiets. Ik ben helemaal kapot.

Tegen mijn vader zeg ik: ga maar, ik loop. Nee, volgens hem telt dat niet maar elke vezel in mijn lijf verzet zich tegen op dat zadel klimmen. Hij fietst verder. Ik loop. Mijn achillespees doet zeer, mijn kuiten lopen vol. Ik denk aan alles wat ik heb overwonnen. De operatie, de chemo, de burn-out, de hormoontherapie. Ik loop door.

P1000949

Ik denk niet meer. Ik hoor de stemmen van mijn vrienden op de top. Ik loop. Op mijn wielerschoenen. Tik, tik. En ik duw mijn fiets voort. Tegen de fotograaf die net onder de top staat, zeg ik nee. Ik loop verder. Die laatste bocht, meer dan 12%. Ik heb er vrede mee dat ik loop. Dit had ik echt niet meer kunnen fietsen.

Boven staan mijn man, mijn vader, mijn vrienden. Ik fiets voor de show en voor de foto 10 meter en stap dan af. Met mijn hoofd op het stuur huil ik. Alleen. Ik snik, ik tril. Ik heb het gedaan. Mijn man komt naast me staan. Hij is trots. Hij slaat een arm om me heen.

Er is geen ‘ik kan niet’ en er is geen ‘onmogelijk’ meer. Ik reed vandaag de Mont Ventoux op. Mijn brandstof: geloof in mezelf. Onmogelijk bestaat niet meer.

P1000986

Hooked

Onze verontschuldigingen, dit bericht is alleen beschikbaar in English.